E-health in verschillende snelheden

Benieuwd naar de staat van e-health in Nederland?

Lees meer

Kernresultaten

De eHealth-monitor 2018 in cijfers

Lees meer

Aanbevelingen

Aanbevelingen eHealth-monitor 2018

Lees meer

Digitale toepassingen worden in verschillende mate gebruikt in de gezondheidszorg. Het maakt bijvoorbeeld verschil of alleen de zorgverlener met de toepassing gaat werken of dat ook de zorggebruiker hierin een rol heeft, zoals bij online inzage. Visie, vertrouwen en voldoende digitale vaardigheden kunnen bijdragen aan een versnelling in het gebruik van e-health.

De snelheid waarmee de implementatie van e-health mogelijk is, wordt bepaald door meerdere factoren. We zien de meeste beweging als we kijken naar toepassingen die worden ingezet voor en door zorgverleners. Ook zien we beweging bij zorggebruikers zelf, als er geen directe relatie is met de zorgverlener. We zien minder beweging wanneer we kijken naar toepassingen waar zorgverlener en zorggebruiker beiden een rol hebben, de meerwaarde onduidelijk is, gevoel van urgentie mist of wanneer het bestaande proces complexer wordt of moet veranderen – bijvoorbeeld omdat de toepassing een andere inrichting van het zorgproces vraagt.

Bij het gezamenlijk gebruik van e-health is het essentieel dat beide partijen de meerwaarde ervan inzien. Daar komt bij dat niet iedereen over de digitale vaardigheden beschikt die nodig zijn om met e-health toepassingen te werken. In ieder geval is het duidelijk dat het bij elkaar brengen van twee werelden – die van de zorgverlener en die van de zorggebruiker – tijd en verandering vergt.

Sinds 2013 onderzoeken Nictiz en het NIVEL jaarlijks de beschikbaarheid en het gebruik van eHealth in Nederland. Er is steeds meer mogelijk, bijvoorbeeld online gezondheidsdossiers, apps en e-consulten. Maar hoe snel gaat de opmars van eHealth nou echt? Wie maken er al gebruik van en op welke manier? En heel belangrijk: wat vinden we eigenlijk van eHealth? Op deze vragen en meer geeft de eHealth-monitor antwoord.

  • 01 Randvoorwaarden e-health: beleid, vaardigheden en vertrouwen
  • 02 Online inzage
  • 03 Gemak en service
  • 04 Zelfmanagement en persoonlijke gezondheidsomgevingen
  • 05 Begeleiding en ondersteuning op afstand
  • 06 Elektronische communicatie tussen zorgverleners
01
Randvoorwaarden e-health: beleid, vaardigheden en vertrouwen

Bijna de helft van de verpleegkundigen in de ouderen- en ziekenhuiszorg en vier op de tien medisch specialisten weet niet of er een visie binnen hun zorgorganisatie is over het gebruik en de inzet van digitale zorgtoepassingen. In de huisartsenzorg zien we een ander beeld: hier is meer dan de helft van de huisartsen en verpleegkundigen in de huisartsenzorg op de hoogte van de visie van de organisatie op e-health.

De meerderheid van de zorggebruikers geeft aan dat zij goed uit de voeten kunnen met het vinden van digitale gezondheidsinformatie. Een kleine meerderheid van de zorggebruikers vindt het toepassen van de informatie vrij tot zeer makkelijk. Meer dan de helft van de zorggebruikers vindt het vrij tot zeer moeilijk om de betrouwbaarheid van de gevonden informatie te bepalen.

De meeste zorgverleners voelen zich over het algemeen digitaal vaardig. Een derde van de huisartsen en de medisch specialisten en ongeveer de helft van de verpleegkundigen denken de juiste technologie te kunnen vinden voor de zorgvraag van een patiënt. Van de verpleegkundigen weet meer dan de helft welke technologische mogelijkheden er binnen de organisatie zijn.

02
Online inzage

Zorggebruikers en mensen met een chronische aandoening wel de behoefte om belangrijke medische gegevens digitaal te kunnen inzien. Veel zorggebruikers verwachten dat online inzage bijdraagt aan een beter overzicht van de zorg en betere informatie over de gezondheid en behandeling.

Medisch specialisten en verpleegkundigen staan in het algemeen positief tegenover online inzage. Bij huisartsen schommelt het beeld over de jaren. Verpleegkundigen voelen zich van alle onderzochte zorgverleners het meest verantwoordelijk als het gaat om het begeleiden van de zorggebruiker in het gebruiken en begrijpen van online inzage.

Zowel onder huisartsen als onder medisch specialisten bestaan zorgen over online inzage. Zo vrezen veel artsen onnodige zorgen bij de patiënt en discussie over de inhoud van het dossier. Ook lijkt er weinig vertrouwen te zijn onder artsen in de positieve effecten van online inzage en in de capaciteiten van de patiënt op het gebied van interpretatie en privacy.

Ruim de helft van de mensen met een chronische aandoening voelt zichzelf verantwoordelijk voor het gaan en het blijven gebruiken van online inzage. Een deel van de chronisch zieken vindt dat ook de arts, de ondersteuner(s) van de arts en soms ook zorgverzekeraars of de overheid hier (mede)verantwoordelijk voor zijn.

03
Gemak en service

Dit jaar zien we dat het aanbod van online contactmogelijkheden met name bij de huisartsen sterk stijgt. De groep zorggebruikers en mensen met een chronische aandoening die op de hoogte is van de mogelijkheden van online contact met hun artsen neemt toe. Hoewel het gebruik niet toeneemt, zien we dat een grote groep gebruikers wel geïnteresseerd is in de mogelijkheden voor online contact. Toch blijft het percentage dat niet weet dat online contact mogelijk is, relatief hoog.

04
Zelfmanagement en persoonlijke gezondheidsomgevingen

Het aantal zorggebruikers dat aangeeft dat ze digitaal lichamelijke activiteit bijhouden, is de afgelopen jaren toegenomen.

Driekwart van de mensen met een chronische aandoening had niet eerder van een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) gehoord. Op basis van de uitleg over PGO’s in de vragenlijst, geeft iets meer dan een derde aan het wel te willen gebruiken.
Bijna de helft van de huisartsen en vier op de tien medisch specialisten geeft aan van een PGO te hebben gehoord en ongeveer te weten wat dit is. Een veel kleiner deel weet precies wat het is. Verpleegkundigen hebben minder vaak van een PGO gehoord dan artsen.

05
Begeleiding en ondersteuning op afstand

Op het gebied van digitale begeleiding en digitale ondersteuning zien we vooral beweging in de ouderenzorg. Zo geven steeds meer verpleegkundigen in deze sector op diverse terreinen aan dat zij zelf of hun collega’s werken met digitale toepassingen. Wat vooral opvalt is dat de inzet van toezichthoudende technieken sinds 2016 een vlucht heeft genomen. Ook op andere terreinen, zoals medicatiecontrole of robotica, zijn het vooral de verpleegkundigen in de ouderenzorg die aangeven dat zij vaker werken met digitale ondersteuning vergeleken met eerdere jaren.

06
Elektronische communicatie tussen zorgverleners

Bij artsen en verpleegkundigen in de huisartsen- en ziekenhuiszorg zien we een stijging in het elektronisch uitwisselen van patiëntgegevens op gestandaardiseerde wijze. In de ouderenzorg zien we geen verandering in het gebruik van gestandaardiseerde elektronische gegevensuitwisseling.
Sinds een aantal jaren zien we de mogelijkheid voor digitale gegevensuitwisseling op lokaal niveau toenemen, maar dit blijft nog aan de lage kant.

Transformatie is een proces dat niet vastomlijnd en lineair is. Verandering wordt gevoed door reflectie, delen en leren. De aanbevelingen die wij doen aan beleidsmakers, bestuurders, zorgverleners, patiëntenorganisaties en marktpartijen op basis van de huidige stand van zaken en de bevindingen die voortkomen uit dit onderzoek, zijn derhalve ook niet rechtlijnig en ook niet uitsluitend. De volgende aanbevelingen worden bij voorkeur in samenhang opgepakt.

  • 01 1. Zet e-health in vanuit een heldere visie en beleid en zorg dat deze bekend zijn
  • 02 2. Faciliteer zorgverleners in aanbod en gebruik e-health
  • 03 3. Faciliteer zorggebruikers in goed gebruik van e-health
  • 04 4. Stel een onderzoeksagenda op
01
1. Zet e-health in vanuit een heldere visie en beleid en zorg dat deze bekend zijn

Ontwikkel een toekomstvisie op e-health, in samenspraak met stakeholders. Deze visie vormt het begin van een leercyclus

Uit ons onderzoek blijkt dat visie en doelstellingen niet altijd bekend zijn, vooral als we kijken naar de ouderen- en ziekenhuiszorg. Zorginnovatie vraagt om een verandering van houding van alle stakeholders. Een heldere langetermijnvisie, vertaald in een bij de zorgorganisatie of praktijk passend beleid en doelstellingen, vormt de basis voor een gefundeerde en doelgerichte inzet van e-health. Dit beleid en de bekendheid hiervan is van belang voor zekerheid, draagvlak en vertrouwen onder stakeholders.

02
2. Faciliteer zorgverleners in aanbod en gebruik e-health

Werk aan bewustwording en het delen van ervaringen onder zorgverleners rondom online inzage en PGO’s

Onduidelijkheid over verplichtingen en verantwoordelijkheden kan leiden tot een afwachtende of zelfs afwijzende houding wat betreft de inzet en het gebruik van online inzage en PGO’s. Gerichte informatie over rechten, plichten en meerwaarde draagt bij aan zekerheid en draagvlak en kan een proactieve houding bevorderen.

Faciliteer zorgverleners in kennis over de beschikbaarheid en de toepasbaarheid van e-health toepassingen

Een zorgverlener moet weten welke e-health toepassingen in de organisatie of op de markt zijn en voor welke zorgvragen deze kunnen worden ingezet om op het juiste moment het juiste aanbod aan een zorggebruiker te kunnen doen. We zien in de huidige monitor dat een groot deel van de zorgverleners onvoldoende kennis hierover heeft.

Faciliteer verpleegkundigen in een begeleidende rol voor zorggebruikers wat betreft de juiste keuze voor en gebruik van e-health

Wil de zorggebruiker de verwachtingen voor wat betreft zelfmanagement en zelfredzaamheid kunnen waarmaken, dan is het van belang dat hij hierin wordt ondersteund. Verpleegkundigen voelen zich hier het meest verantwoordelijk voor. Zij moeten die verantwoordelijkheid echter wel toebedeeld krijgen en de ruimte en de tijd krijgen om deze rol te kunnen invullen.

03
3. Faciliteer zorggebruikers in goed gebruik van e-health

Zorg voor bewustwording onder en ondersteuning van zorggebruikers voor het goed gebruiken van online inzage en PGO’s

Er is veel onbekendheid onder zorggebruikers over hun wettelijke rechten wat betreft (online) inzage in hun patiëntendossier, hun mogelijkheden betreffende zelfregie en zelfmanagement en de meerwaarde van e-health toepassingen zoals online inzage – en op termijn ook een PGO. Ook met betrekking tot het veilig omgaan met medische gegevens ligt een belangrijke taak voor overheid, belangengroepen en zorgverleners om zorggebruikers bewust te maken van de risico’s van het delen van het dossier met derden. Bij het leren, gaan en blijven gebruiken van online inzage hebben veel zorggebruikers nog hulp en ondersteuning nodig. Zoals in aanbeveling 2 staat, kunnen verpleegkundigen hierin een belangrijke rol spelen.

Voorzie zorggebruikers van begrijpelijke informatie in het medisch dossier

Willen we toe naar een situatie waar online inzage bijdraagt aan de zelfredzaamheid van de zorggebruiker dan is het van belang dat zorggebruikers voldoende betrouwbare en begrijpelijke informatie en tools tot hun beschikking krijgen. Zorgverleners kunnen hierin bijdragen door de door hen goedgekeurde informatie toegankelijk te presenteren en meer informatiebronnen beschikbaar te maken vanuit het dossier.

Werk aan digitale gezondheidsvaardigheden

Mensen met lagere digitale gezondheidsvaardigheden zullen meer moeite hebben om e-health te gebruiken en zullen minder geneigd zijn om de e-health toepassingen te gaan gebruiken. Om die reden is het van belang mensen met lage digitale vaardigheden en hun mantelzorgers bijvoorbeeld de mogelijkheid te bieden om hulp in te roepen of hulp aan huis te krijgen.

04
4. Stel een onderzoeksagenda op

Stel een onderzoeksagenda op met een overzicht van de kennis die nodig is en onderwerpen die onderzocht moeten worden

Uit de eHealth-monitor van dit jaar en voorgaande jaren blijkt dat er nog veel onduidelijk is op het gebied van zinvol gebruik van e-health. Hierdoor kunnen discussies rondom het gebruik en de financiering van e-health toepassingen niet altijd goed worden gevoerd. Meer inzicht in bijvoorbeeld de effectiviteit van een toepassing, succesvolle implementatietrajecten of hoe zorggebruikers met informatie omgaan, is nodig om de beweging naar de juiste zorg op de juiste plek verder te brengen. Een onderzoeksagenda helpt bij het adresseren en het prioriteren van de relevante thema’s.

De meest recente ontwikkelingen

  • Alles
  • Blog
  • Factsheet
  • Infographic